Verschillen in zienswijzen
In Nederland leven mensen met verschillende culturele achtergronden en levensbeschouwelijke overtuigingen naast elkaar. Dat is enerzijds een verrijking aan de andere kant kan het tot verschillende zienswijzen of zelfs meningsverschillen leiden, zoals ook in de zorgsector voor mensen met een beperking of in de GGZ. De manier waarop hulpverleners denken over de problematiek en de beste behandeling of ondersteuning kan verschillen van de manier waarop de (familie van de) hulpvrager hierover denkt. Als hulpverleners deze meningsverschillen niet kunnen overbruggen dan komt dat niet ten goede aan de gezondheid, welzijn en ondersteuning of behandeling van de hulpvrager.
Vraag jij je ook wel eens af hoe het beter kan?
Merk jij ook wel eens dat de samenwerking of het hulpverleningsproces niet goed van de grond komt? En vraag je jezelf af of de culturele achtergrond van de ander hiermee te maken heeft? Want hoe zit het ook alweer in die cultuur? Het antwoord op deze vraag is niet zo gemakkelijk, want de onderlinge diversiteit in een cultuur is groot. Verder is cultuursensitiviteit niet alleen de zaak van de ‘vreemde ander’, maar verweven met je eigen alledaagse manier van doen.
Het ontwikkelen van een transculturele houding en competenties
In deze lesdag leer je over andere culturen, en dan vooral over hoe je middels een transculturele houding en interculturele competenties de culturele bagage van de ander kan leren kennen. En daarvoor is het allereerst van belang kennis te hebben van je eigen culturele bagage. Op die manier word je bewust van wat er kan gebeuren in de dialoog, kun je blijven wisselen van perspectief en blijft die dialoog in beweging en kun je komen tot een meer afgestemde en zinvolle hulpverlening.
In deze lesdag wordt gebruik gemaakt van verschillende visies, kennis, methoden die helpend zijn bij deze zoektocht zoals beschermjassen, topoi methode, cultureel interview.
Cliëntgroep
De inhoud van de studiedag heeft betrekking op kinderen, jongeren en volwassen met een verstandelijke beperking en mensen met een normale begaafdheid en geestelijke gezondheidsproblematiek.
Doelgroep
De inhoud van de studiedag heeft betrekking op psychologen, orthopedagogen, verpleegkundigen, GGZ-agogen, maatschappelijk werkers en begeleiders die werken in de gehandicaptenzorg, GGZ, jeugdzorg, speciaal onderwijs, forensische psychiatrie
Niveau van de training
Deze training is ten minste post HBO niveau.
Accreditatie
Is toegekend door
- Het accreditatiebureau NIP K&J / NVO OG voor het volgend aantal punten:
- herregistratie: 6 punten
- Opleiding – diagnostiek: 3 punten
- De accreditatie van NIP K&J / NVO OG wordt overgenomen door het SKJ
Certificaat en invoeren presentie
FORTIOR reikt aan het eind van de dag certificaten uit. Op het certificaat staan de accreditaties en hun ID-nummers vermeld.
Voor sommige registers van beroepsverenigingen, zoals bij NIP K&J / NVO OG, kwaliteitsregister Paramedici, KNGF, Register Vaktherapie en Registerplein, voert FORTIOR de presentie in. Hiervoor hebben wij het nummer nodig waarmee je in het register bent ingeschreven.
Inhoud van de studiedag
De volgende thema’s komen aan bod
- Wat is cultuur?
- Wat zijn culturele dilemma’s en welke dilemma’s kun je als deelnemer bedenken?
- Verschillende visies op zorg en het zorgsysteem bezien vanuit de hulpverlener en hulpvrager
- Diverse methoden voor intercultureel werken: beschermjassen, topoi methode, cultureel interview
Leerdoelen:
- Kennis: je hebt kennis van cultuur: ik en wij systemen, verschillende culturele achtergronden, doet meer kennis op over je eigen culturele achtergrond.
- Inzicht: je hebt inzicht en kunt reflecteren op je eigen culturele vraagstukken en casuïstiek.
- Vaardigheden: je kunt (elementen uit) Beschermjassen, het Culturele Interview en de Topoi methode toepassen.
- Ervaring: je leert met en doet ervaring op in een diverse groep, en leert de ander beter kennen, wat te vertalen is naar omgang met client en omgeving.